De oorsprong van de Zen

Authentieke Zen vindt zijn oorspong in de onderwijzingen van Shakyamuni Boeddha, die in de 6e eeuw voor Chr. in India leefde. Hij leerde dat het zitten in de lotushouding beoefening en verwerkelijking tegelijk is.

Door de eeuwen heen is deze praktijk doorgegeven van meester op discipel. De zen heeft daarbij wortel geschoten in China (6e eeuw na Chr. en later in Japan. Zen werd vanuit China door de monnik Eisai in Japan geïntroduceerd en een paar jaar later door de oprichter van de Soto-school, Master Dogen (13e eeuw na Christus).

Het Japanse woord “Zen” is afgeleid van het Chinese woord “Ch’an” dat zelf is afgeleid van het Sanskrietwoord “Dhyana” dat meditatie of concentratie betekent. Deze afbeelding toont een deel van een document dat een Ketsumyaku wordt genoemd, een bewijs van aansluiting bij de afstamming van de grote meesters en Boeddha’s uit het verleden tot op  Meester Kosen, die de transmissie had ontvangen van Meester Deshimaru die op zijn beurt zijn uitzending ontving van Kodo Sawaki in Japan.

De monnik Kosen, (geboren in 1950), komt uit de lijn van de grote iconoclastische meesters, vrij van elk juk, bevrijd van elk dogma en altijd onthutsend. Kosen, Stephane Thibaut, begon zijn bewogen leven in 1950 in Parijs. Na vele ervaringen in de opwinding van de wereld, komt hij de beoefening van de overgedragen Zen tegen, met de man die het aan de westerse wereld introduceerde, de ‘boddhidharma van de moderne tijd’, meester Taisen Deshimaru.

 

 

Meester Deshimaru, (1914 – 1982).
Op aanwijzing van zijn leraar Kodo Sawaki arriveerde hij in 1967 in Parijs, uitgenodigd door een groep Franse macrobiotica. Daar legde hij zich volledig toe op de leer van zazen en de zen-traditie. Sindsdien, tot zijn dood door kanker in 1984, leerde hij Zen aan tal van discipelen, waarvan de oudste Kosen Thibaut is. Hij richtte een zentempel op, de Gendronnière, en vele andere dojo’s in heel Frankrijk en Europa. Gezegend met een buitengewone energie, werd Taisen Deshimaru Roshi geanimeerd door een onwankelbaar geloof in zazen-beoefening, in de zuivere leringen van de boeddha’s en patriarchen, en in het belang van deze praktijk en lering voor de huidige dag.

Meester Kodo Sawaki, (1880- 1965), gaf geen les in kloosters maar in het hart van de samenleving en maakte Zen voor iedereen toegankelijk.
Ze noemden hem “Dakloze Kodo” omdat hij weigerde in een tempel te blijven en altijd alleen reisde. Hij bracht een frisse wind naar de zieltogende Zen en herintroduceerde de universele praktijk van zazen. Na de oorlog werd hij een beroemdheid in Japan en organiseerde hij sesshins en zomerkampen in verschillende tempels. Hij gaf les aan zowel leken als monniken, gaf conferenties op universiteiten en in gevangenissen en nam deel aan de oprichting van talrijke dojo’s. Gedurende al die tijd volgde meester Deshimaru hem overal en leerde Kodo Sawaki hem de essentie van het boeddhisme. In 1963, op 86-jarige leeftijd, werd hij ernstig ziek en trok zich terug in Antai-ji (de tempel die hij had veranderd in een plaats van pure beoefening). Vanuit zijn bed keek hij lange tijd naar de berg Takagamine.

In Amsterdam zetten we deze ononderbroken dagelijkse praktijk voort in Zen Dojo Amsterdam – ‘Gyo Kai’. Elk jaar (meestal in augustus) is er een sesshin met meester Kosen in de Yuyo Nyusanji-tempel, vlakbij Montpellier in Frankrijk.
Er zijn ook sesshins en zazendagen in Amsterdam onder leiding van discipelen.